De spel­re­gels voor de fysie­ke leef­om­ge­ving komen in één wet bij elkaar te staan. De minis­ter­raad heeft vrij­dag 29 juni, na een posi­tief advies van de Raad van Sta­te, inge­stemd met de wets­voor­stel­len voor de Invoe­rings­wet van de Omge­vings­wet en de Aan­vul­lings­wet natuur van de Omge­vings­wet. Ook heeft de minis­ter­raad de vier Alge­me­ne Maat­re­ge­len van Bestuur (AMvB’s) van de Omge­vings­wet akkoord bevon­den voor publi­ca­tie in het Staats­blad. Het werk voor de inwer­king­tre­ding op 1 janu­a­ri 2021 blijft daar­mee op sche­ma lopen.

Invoe­rings­wet: aan­vul­lin­gen op de Omgevingswet
De Invoe­rings­wet van de Omge­vings­wet regelt onder meer een soe­pe­le over­gang van de bestaan­de naar de nieu­we wet­ge­ving. Inzet daar­bij is om het voor gebrui­kers zo een­vou­dig moge­lijk te maken. Bestaan­de ver­gun­nin­gen blij­ven straks bij­voor­beeld gel­den als omge­vings­ver­gun­ning en hoe­ven dus niet opnieuw aan­ge­vraagd te wor­den. De Invoe­rings­wet vult de Omge­vings­wet boven­dien op een aan­tal cru­ci­a­le pun­ten aan.

De ver­gun­ning voor bou­wen wordt gesplitst in een bouw­tech­ni­sche ver­gun­ning en een ruim­te­lij­ke ver­gun­ning. Gemeen­ten krij­gen hier­bij meer vrij­heid om te bepa­len of een ruim­te­lij­ke ver­gun­ning nodig is. Daar­door kan het aan­tal aan­vra­gen voor bouw­ver­gun­nin­gen wor­den terug­ge­bracht. Dat scheelt bur­gers en bedrij­ven veel geld. De Invoe­rings­wet bevat de grond­sla­gen voor het Digi­taal Stel­sel Omge­vings­wet. Bur­gers en bedrij­ven kun­nen via het loket ver­gun­nin­gen aan­vra­gen, mel­din­gen doen en zien wel­ke regels en beleid ergens van toe­pas­sing zijn.

De ver­goe­ding voor plan­scha­de, scha­de die bur­gers en onder­ne­mers onder­vin­den van een ini­ti­a­tief, wordt rea­lis­ti­scher. Deze wordt straks bepaald op het moment dat er echt gebouwd wordt. In de hui­di­ge rege­ling is de ver­goe­ding vaak geba­seerd op fic­tie­ve schade.

AMvB’s: voor­beel­den over­zich­te­lij­ke spelregels
De publi­ca­tie van de AMvB’s geeft dui­de­lijk­heid voor over­he­den, onder­ne­mers en bur­gers over wat het Rijk regelt voor de fysie­ke leef­om­ge­ving en wat zij zelf doen.

Samen­han­gend, flexi­bel, uit­no­di­gend en inno­va­tief zijn kern­woor­den van de AMvB’s. Dat berei­ken we door min­der en over­zich­te­lij­ke regels, meer ruim­te voor ini­ti­a­tie­ven en lokaal maat­werk. Daar­bij moet het doel van het ini­ti­a­tief in de fysie­ke leef­om­ge­ving cen­traal staan in plaats van de vraag ‘mag het wel?’. De regels bie­den daar­voor de kaders.

Wan­neer een gemeen­te bij­voor­beeld een oud indu­strie­ge­bied wil trans­for­me­ren naar een modern woon- en werk­ge­bied hoeft ze daar geen gede­tail­leerd bestem­mings­plan voor te maken. In de toe­komst mogen de spel­re­gels en doe­len voor het gebied meer glo­baal gefor­mu­leerd wor­den. Daar­bij krijgt de gemeen­te meer eigen afwe­gings­ruim­te om regels te maken die pas­sen bij de loka­le omstan­dig­he­den. Dit maakt het voor bur­gers en onder­ne­mers aan­trek­ke­lij­ker en een­vou­di­ger om met ini­ti­a­tie­ven te komen. Ze krij­gen meer eigen regie op het pro­ces en heb­ben vaker maar één ver­gun­ning nodig. Niet lan­ger hoe­ven bepaal­de ver­gun­nin­gen samen te wor­den aan­ge­vraagd, waar­door de ini­ti­a­tief­ne­mer zeker­heid kan krij­gen of iets is toe­ge­staan vóór hij kos­ten maakt voor gede­tail­leer­de uit­wer­kin­gen. Daar­bij wor­den de pro­ce­du­res voor ver­gun­ning­ver­le­ning kor­ter en wordt de samen­le­ving vroeg­tij­dig bij het plan betrok­ken. De Cri­sis- en her­stel­wet laat hier al mooie voor­beel­den van zien, zoals het Zaan­se Hem­brug­ter­rein, de vlieg­ba­sis Soes­ter­berg, De Bin­ck­horst in Den Haag en het bui­ten­ge­bied van Boekel.

Aan­vul­lings­wet natuur
Met het voor­stel voor de Aan­vul­lings­wet natuur (bij de Twee­de Kamer inge­diend tege­lijk met de Invoe­rings­wet Omge­vings­wet) gaan de regels uit de Wet natuur­be­scher­ming over in het stel­sel van de Omge­vings­wet. De Aan­vul­lings­wet natuur is een van de vier wet­ten van het aan­vul­lings­spoor van de Omge­vings­wet. De ande­re aan­vul­lings­spo­ren zijn bodem, geluid en grondeigendom.

Opge­steld met gebrui­kers voor een uit­voer­baar stelsel
De vier beslui­ten en bei­de wet­ten zijn opge­steld in samen­spraak met de par­tij­en die inten­sief met de wet gaan wer­ken: ande­re over­he­den, het bedrijfs­le­ven en maat­schap­pe­lij­ke orga­ni­sa­ties. Ze zijn daar­na in con­sul­ta­tie geweest waar­bij alle belang­heb­ben­den op de voor­stel­len heb­ben kun­nen rea­ge­ren. Tot slot zijn ze van advies voor­zien door de Raad van Sta­te. Voor de AMvB’s is de par­le­men­tai­re behan­de­ling afge­rond. De voor­stel­len voor de Invoe­rings­wet en de Aan­vul­lings­wet natuur wor­den de komen­de peri­o­de door de Twee­de en Eer­ste Kamer besproken.

Rol AT Osborne
Enke­le van onze juris­ten wer­ken al een aan­tal jaar mee aan de tot­stand­ko­ming van het stel­sel van de Omge­vings­wet. Op diver­se onder­wer­pen hel­pen wij het minis­te­rie van Bin­nen­land­se Zaken & Konink­rijks­re­la­ties met onze juri­disch-beleids­ma­ti­ge blik, bij het maken van keu­zes in de wet en in onder­lig­gen­de regel­ge­ving. Ook schrij­ven we mee aan arti­ke­len en aan de toe­lich­ting bij de wet- en regel­ge­ving. Wilt u meer weten over de Omge­vings­wet? Neem con­tact met ons op!