Het risi­co van heraan­be­ste­ding is dat de aan­be­ste­der gaat ‘leu­ren’ met een opdracht. In dit ver­band is de vraag gere­zen of het Uni­ver­si­tair Medisch Cen­trum Gro­nin­gen (UMCG) haar eer­der aan­be­ste­de archi­tec­ten­over­een­komst mocht heraan­be­ste­den, nadat zij de over­een­komst had opge­zegd én de archi­tect de over­een­ge­ko­men scha­de­ver­goe­ding had betaald. De archi­tect in kwes­tie meen­de dat de heraan­be­ste­de opdracht nage­noeg gelijk was aan de eer­de­re opdracht. Daar­mee han­del­de het UMCG vol­gens hem in strijd met de Aan­be­ste­dings­wet 2012. Het UMCG had de opdracht name­lijk eerst wezen­lijk moe­ten wij­zi­gen. Hier­op wend­de de archi­tect zich tot de rech­ter én de Com­mis­sie van Aan­be­ste­dings­ex­perts (CvAe).

De voor­zie­nin­gen­rech­ter van de Recht­bank Noord-Neder­land (ECLI:NL:RBNNE:2018:1464) geeft de archi­tect geen gelijk. De rech­ter oor­deelt dat de onder­ha­vi­ge situ­a­tie afwijkt van het geval, waar­in een aan­be­ste­den­de dienst tij­dens de aan­be­ste­dings­pro­ce­du­re besluit die pro­ce­du­re af te bre­ken en de opdracht opnieuw aan te beste­den. In zo’n geval is het in begin­sel aan­ge­we­zen de opdracht wezen­lijk te wij­zi­gen, alvo­rens deze via een heraan­be­ste­ding opnieuw in de markt te zet­ten. Dit om ‘leu­ren’ te voor­ko­men. Hier­van is ech­ter geen spra­ke. Of en in hoe­ver­re het UMCG de opdracht al dan niet wezen­lijk heeft gewij­zigd, hoeft dan ook niet nader te wor­den beoordeeld.

Gerust­stel­lend is dat de CvAe in deze zaak tot dezelf­de con­clu­sie komt (advies 431). De CvAe licht haar stand­punt nog als volgt toe. Het ver­bod op heraan­be­ste­ding van nage­noeg dezelf­de opdracht na intrek­king van een aan­be­ste­ding, beschermt het belang van een inschrij­ver die op grond van de inge­trok­ken pro­ce­du­re meent aan­spraak te kun­nen maken op de opdracht. Het gaat dan om het belang van het ver­wer­ven van die opdracht en het daar­mee ver­band hou­den­de ‘posi­tie­ve con­tracts­be­lang’. In geval van heraan­be­ste­ding na opzeg­ging van een over­een­komst wordt dit belang ech­ter niet geschon­den. De archi­tect van het UMCG behield immers zijn aan­spraak op het posi­tie­ve con­tracts­be­lang. Opzeg­ging van de over­een­komst ver­plicht­te het UMCG immers tot beta­ling van schadevergoeding.

De uit­spra­ken doen onge­twij­feld recht aan ieders rechts­ge­voel én de dage­lijk­se prak­tijk. Na opzeg­ging van een over­een­komst mag de opdracht dus nage­noeg onge­wij­zigd opnieuw wor­den aan­be­steed.

Dit arti­kel is op 26 okto­ber 2018 ook gepu­bli­ceerd in Zorg­vi­sie.

Meer infor­ma­tie

Fem­ke Rasenberg

Direc­teur AT Lawy­ers / Direc­teur Legal Services

+31 (0)6 525 847 88 Con­nect op LinkedIn