We zeg­gen graag dat we goed door­dacht ont­wer­pen en toe­komst­be­sten­di­ge gebou­wen rea­li­se­ren. Toch ken­nen we alle­maal wel voor­beel­den van gebou­wen waar bin­nen 10 jaar gron­di­ge reno­va­ties nodig waren. Of waar het bin­nen­kli­maat jaren na de ople­ve­ring nog steeds te wen­sen over liet. Hoe zor­gen we ervoor dat we een ver­ant­woor­de en duur­za­me inves­te­rings­be­slis­sing kun­nen nemen? Dat begint met inzicht in de levens­cy­clus van het gebouw en de levens­duur­kos­ten. Op het juis­te moment én via een een­dui­di­ge en objec­tie­ve metho­de. In het eer­ste deel van deze serie ver­tel­len we je graag meer over een unie­ke samen­wer­king die rond dit the­ma is ontstaan. 

de levenscyclus van het gebouw

Trend of niet?

De tot­stand­ko­ming van vast­goed ont­wik­kelt zich in de loop van de tijd. Trends komen en gaan. Of wor­den gemeen­goed. Ze wor­den inge­ge­ven door con­junc­tu­re­le en tech­no­lo­gi­sche ont­wik­ke­lin­gen, woning­nood, kli­maat­ver­an­de­ring of archi­tec­tuur­stro­min­gen. Ook ver­an­de­ren­de wen­sen op het gebied van (samen)werken en wonen hou­den de sec­tor in bewe­ging. Eén ding is zeker: al die ont­wik­ke­lin­gen kos­ten geld. Voor ont­wik­ke­ling en rea­li­sa­tie, en voor­al ook voor de exploitatie.

Life Cycle Costs en TCO: hoe zeg je?

Hoe kun je – met het oog op de toe­komst – een ver­ant­woor­de inves­te­ring doen? Juist: met inzicht in de cij­fers. Op stra­te­gisch niveau én op detail­ni­veau. Daar­mee beoor­deel je inte­graal de keu­ze voor de loca­tie, de keu­ze voor reno­va­tie of nieuw­bouw en de keu­ze voor spe­ci­fie­ke gebouw- en instal­la­tie­con­cep­ten. Zo ont­staat inzicht in de levens­duur­kos­ten, die ook wel Life Cycle Costs, Total Cost of Owner­ship (TCO), Who­le Life Costs en de exploi­ta­tie­kos­ten wor­den genoemd. Wij kie­zen voor het gemak voor de term levensduurkosten.

Maar… wat levert de bere­ke­ning van de levens­duur­kos­ten jou op als gebouw­ei­ge­naar of –gebrui­ker? En hoe werkt zo’n bere­ke­ning dan? Is die uni­form en valt die te ben­ch­mar­ken? Wat is de gevoe­lig­heid als ik de kos­ten beschouw over een peri­o­de van zeg: 30 jaar? Dur­ven we het al aan om toe­kom­sti­ge opbreng­sten toe te ken­nen aan cir­cu­lai­re gebou­wen of gebouwdelen?

Unie­ke samenwerking

Kort­om, veel vra­gen. Voor de leek, maar zeker ook voor veel pro­fes­si­o­ne­le par­tij­en en kos­ten­des­kun­di­gen. Daar­om gaan we de komen­de tijd met elkaar op zoek naar defi­ni­ties en reken­me­tho­des. Daar­bij zor­gen we er voor­al voor dat we de dezelf­de taal gaan spre­ken. Met ple­zier kon­di­gen we aan dat het Rijks­vast­goed­be­drijf, Life Cycle Visi­on, AT Osbor­ne, IGG Bouw­eco­no­mie en Brink in de komen­de peri­o­de gaan samen­wer­ken aan het the­ma levens­duur­kos­ten, in samen­spraak met de Neder­land­se Ver­e­ni­ging voor Bouw­kos­ten­des­kun­di­gen (NVBK).

Klank­bord­groep

Pro­fes­si­o­nals gaan met dit the­ma aan de slag. We stre­ven daar­bij naar hoog­waar­di­ge, toe­gan­ke­lij­ke en onaf­han­ke­lij­ke infor­ma­tie. Wil je een bij­dra­ge leve­ren? Heel graag! Je bent van har­te wel­kom om deel te nemen aan onze klank­bord­groep. Je mag des­kun­di­ge op dit gebied zijn, maar juist ook voor inbreng zor­gen wan­neer je nog níet dage­lijks met levens­duur­kos­ten te maken hebt! Juist de input uit bij­voor­beeld de zorg- of onder­wijs­sec­tor kan nét het ver­schil maken. Meld je voor vrij­dag 16 okto­ber 2020 aan via een van de onder­staan­de mailadressen.

Ver­volg

In een twee­de publi­ca­tie geven we ant­woord op de vraag wat levens­duur­kos­ten nu eigen­lijk zijn. En waar­om je die metho­de zou moe­ten toe­pas­sen. Je kunt die uit­ga­ve eind novem­ber 2020 verwachten.

Inte­graal reke­nen aan kos­ten, opbreng­sten en waar­de. Nu en op termijn.

Het Rijks­vast­goed­be­drijf, Life Cycle Visi­on, AT Osbor­ne, IGG Bouw­eco­no­mie en Brink wer­ken de komen­de peri­o­de samen aan het the­ma levens­duur­kos­ten, in samen­spraak met de Neder­land­se Ver­e­ni­ging voor Bouw­kos­ten­des­kun­di­gen (NVBK). Met elkaar gaan we op zoek naar defi­ni­ties en reken­me­tho­des. Daar­bij zor­gen we voor­al dat we dezelf­de taal gaan spreken.