Naar het overzicht

Aan de slag in Mozambique

Als Seni­or Mana­ge­ment Con­sul­tant van AT Osbor­ne sta ik uiter­aard niet iede­re dag stil bij de mis­sie van het bedrijf waar ik werk; Urban Mat­ters, Peo­p­le Mat­ter. Tot­dat ik 24 april 2019, na een lan­ge rit met onze land­crui­ser, rond een uur of twee in de mid­dag aan­kwam bij het vluch­te­lin­gen­kamp Ban­dua Regu­lo in Sofa­la pro­vin­cie, Mozam­bi­que. Een kamp vol met men­sen die gevlucht waren voor het hoge water van de rivie­ren Revue en Búzi. In het kamp trof ik onge­veer 1700 per­so­nen (+/-350 gezin­nen) aan in ten­ten, zon­der toe­gang tot water, voed­sel, medi­sche zorg. Deze men­sen zijn huis en haard kwijt, let­ter­lijk weg­ge­spoeld door extreem hoge water­stan­den. Som­mi­gen heb­ben vijf dagen op een dak van een gebouw geleefd voor­dat ze door een boot of heli­kop­ter gered wer­den. Voor het eerst zag ik let­ter­lijk wat bedoeld wordt met klimaatvluchtelingen.

Het ver­schil maken
De com­bi­na­tie van gro­te nood­zaak aan eer­ste levens­be­hoef­ten en de toch hoop­vol­le gezich­ten van de vele kin­de­ren deden wat met mij. Het was het moment dat ik mij rea­li­seer­de dat wij als AT Osbor­ne op som­mi­ge momen­ten toch echt het ver­schil kun­nen maken.

Orkaan IDAI
Even wat voor­ge­schie­de­nis: door orkaan IDAI ont­ston­den half maart 2019 hevi­ge wind­sto­ten (220 km/uur) en ern­sti­ge over­stro­min­gen in het mid­den van Mozam­bi­que. Met als gevolg een enor­me ver­woes­ting in het land, tal­lo­ze doden en heel veel men­sen die huis en haard ver­lo­ren heb­ben. Omdat ik eer­der gewerkt heb in nood­si­tu­a­ties in Mozam­bi­que, ver­tel­de ik mijn collega’s begin april dat ik als water­spe­ci­a­list voor UNICEF aan de slag wil­de gaan. AT Osbor­ne onder­steunt mij vol­le­dig van­uit onze geza­men­lij­ke mis­sie. Met mijn collega’s wist ik invul­ling te geven aan een per­fec­te over­dracht van al mijn klus­sen. Dat alles onder het mot­to: Peo­p­le Matter!

UNICEF
Hier in Mozam­bi­que orga­ni­seer ik namens UNICEF de water­voor­zie­ning, sani­ta­tie en hygi­ë­ne in het meest getrof­fen dis­trict Búzi. Dit dis­trict is onge­veer zo groot als de pro­vin­cies Bra­bant en Lim­burg samen. Het gebied kent een groot aan­tal kam­pen met vluch­te­lin­gen. Omdat de mees­te van deze kli­maat­vluch­te­lin­gen niet meer terug kun­nen naar plek waar ze van­daan kwa­men, wordt er op dit moment een aan­tal nieu­we gebie­den inge­richt, waar men­sen een stuk­je grond krij­gen om weer een leven op te bou­wen. Deze nieu­we gebie­den bestaan nu nog gewoon uit “mato” zoals dat hier heet; stuk­ken wil­der­nis waar wat stok­ken zijn neer­ge­zet als afba­ke­ning van de plots. Geen infra­struc­tuur, geen voor­zie­nin­gen, hele­maal niets dan riet­land met bomen. Mijn taak is om zo snel moge­lijk te zor­gen dat deze nieu­we ‘wij­ken’ aan­tak­ken op een bestaand water­sys­teem (soms) of (veel vaker) dat een nieuw water­sys­teem wordt gemaakt. Zo’n nieuw water­sys­teem bestaat vaak uit grond­wa­ter­bron­nen met een pomp, een water­tank op hoog­te en een aan­tal publie­ke kra­nen. Als hydro­loog en inge­ni­eur heb ik geluk­kig vol­doen­de ver­stand van de uit­da­gin­gen die zo’n sys­teem vraagt; bij­voor­beeld in de omgang met het zou­te grondwater.

Als UNICEF bou­wen we niet zelf aan de water­voor­zie­ning, pom­pen of latri­nes. Wij orga­ni­se­ren en finan­cie­ren part­ners die het werk doen. Soms is dat de Mozam­bi­kaan­se over­heid of onder­ne­mers, vaak ook hulp­or­ga­ni­sa­ties als Oxfam Novib of het Rode Kruis. Uit­ein­de­lijk ben ik dus ook hier weer in een soort van “pro­gram­ma-mana­ge­ment-rol” terecht geko­men. Een rol die mij als Osbor­ner op het lijf geschre­ven is: men­sen, geld en plan­nen samen­bren­gen om ech­te pro­ble­men op te los­sen. Rea­li­sa­tie­kracht orga­ni­se­ren om de goe­de din­gen te doen. En nog nooit heb ik zo sterk het gevoel gehad dat het in deze rol om men­sen gaat. Peo­p­le Matter.

Wij hou­den u graag
op de hoogte
Inschrij­ven nieuwsbrief