In ons dage­lijks leven ‘moe­ten’ we van alles: sim­pel­weg bood­schap­pen doen zodat er ’s avonds een pan dam­pen­de aard­ap­pels op tafel staat, de was doen, het knip­pen van de heg (en je eigen haar), con­tact met vrien­den en fami­lie en aan­dacht voor je part­ner en kin­de­ren, de sport­school bezoe­ken, je Net­flix-abon­ne­ment benut­ten en tus­sen­door ook nog wer­ken. Eigen­lijk is alles wer­ken, maar met dit laat­ste bedoel ik het­geen waar je voor betaald wordt. In meer of min­de­re mate zijn dit alle­maal opga­ven in ons leven. Alles moet, maar niets kan tege­lijk. Het zijn deze opga­ven die onze per­soon­lij­ke agen­da bepa­len. Aan ons de kunst dit in goe­de banen te leiden.

Integraal prioriteren

In ons werk is dat nau­we­lijks anders. Zo heeft een gemeen­te nog veel meer en gro­te­re opga­ven: van jeugd­zorg tot het bewa­ken van de open­ba­re orde en vei­lig­heid. En van het bewa­ken van de ruim­te­lij­ke kwa­li­teit (wel­stand) tot het opha­len van het huis­hou­de­lijk afval. Hoe­wel het inte­res­sant is een dis­cus­sie te voe­ren over wat het belang­rijkst is, geldt eigen­lijk dat al deze zaken gewoon  gere­geld moe­ten wor­den – en bij voor­keur goed. Dat is name­lijk, naast nog veel meer, waar­om gemeen­ten ooit in het leven zijn geroepen.

En toch kan niet altijd alles, en zeker niet tege­lijk. En al hele­maal niet als het geen ver­plich­tin­gen, maar wen­sen en ambi­ties betreft.

Ambi­ties en opgaven

Als we iets die­per inzoo­men op het ruim­te­lijk domein bin­nen die­zelf­de gemeen­te, zien we dat ook daar heel veel ambi­ties en opga­ven lig­gen. Van een beter fiets­net­werk tot ver­groe­ning van de stad. Van snel­ler open­baar ver­voer tot duur­za­me — en zelfs natuur­in­clu­sie­ve woning­bouw . In het alge­meen zijn dit opga­ven waar nie­mand op tegen is en zijn dit zaken die lie­ver van­daag dan mor­gen wor­den opge­pakt. Maar ja, de pot geld is maar beperkt en dat­zelf­de geldt voor de beschik­baar­heid van men­sen. Hoe pri­o­ri­teer je dan wat je van­daag doet en bepaal je wat je uit­stelt tot mor­gen of overmorgen?

Win-win

Het ant­woord is sim­pel: bepaal waar je de mees­te winst mee behaalt. Niet zozeer in ter­men van finan­ci­eel gewin, maar winst voor de maat­schap­pij. Als er bij een mobi­li­teits­pro­bleem in de stad een keu­ze gemaakt moet wor­den tus­sen de aan­leg van een fiets­snel­weg of inten­si­ve­ring van het open­baar ver­voer­net, bepaal dan bij­voor­beeld eerst eens waar de mees­te men­sen bij gebaat zijn. En mis­schien heeft het een wel invloed op het ander: als er bete­re fiets­rou­tes zijn, stap­pen meer men­sen op de fiets en is een ver­dub­be­ling van het aan­tal bus­sen niet nodig. En mis­schien levert al dat gefiets wel gezond­heids­voor­de­len op, die kun­nen lei­den tot reduc­tie van zorg­kos­ten. En mis­schien hou je wel ruim­te in de stad over, omdat je niet al die bus­sen kwijt hoeft (niet alleen op de weg, maar ook voor par­ke­ren ’s nachts en voor onder­houd). En mis­schien kun je wel heel veel ande­re waar­de aan de stad toe­voe­gen op die plek­ken, in de vorm van groe­ne ber­men, tuin­tjes of speelplekken.

En mis­schien, ja, mis­schien moe­ten we dus pro­be­ren om vaker iets ver­der te kij­ken dan onze neus lang is en niet met­een voor de snel­le oplos­sing te gaan. Mis­schien moe­ten we nog beter leren om meer inte­graal te kij­ken en dus ook met pro­fes­si­o­nals bin­nen ande­re afde­lin­gen van die­zelf­de gemeen­te pra­ten. Met al die dis­ci­pli­nes over­zie je name­lijk veel meer. Je zoekt niet naar een oplos­sing voor een pro­bleem, maar naar de meer­waar­de die een oplos­sing kan bie­den voor meer pro­ble­men. Pro­ble­men die niet altijd in die­zelf­de mobi­li­teits­hoek of zelfs dat­zelf­de ruim­te­lijk domein zit­ten. Mis­schien moe­ten we nog meer dan we al doen, pro­be­ren de koker­tjes bin­nen het amb­te­lijk appa­raat te door­bre­ken. Mis­schien zelfs niet alleen amb­te­lijk, maar ook bestuur­lijk, zodat we kun­nen zor­gen dat straks 3 wet­hou­ders samen een lint­je kun­nen knip­pen. En wie weet wat dat voor moois oplevert..

En hoe pri­o­ri­teer ik? Ik laat mijn bood­schap­pen gewoon eens per week thuis bezor­gen. Omdat ik wel gezond wil koken en eten, maar mijn tijd toch ook lie­ver elders besteed dan in de Appie.